De sociaal werker begeleidt en ondersteunt mensen die moeite hebben om zelfstandig mee te komen in de maatschappij. De sociaal werker helpt hen bij het oplossen én voorkomen van problemen in het dagelijks leven, zodat zij zo zelfstandig mogelijk kunnen functioneren en actief kunnen deelnemen aan de samenleving.
De sociaal werker geeft informatie, advies en voorlichting over wetten, regelingen en procedures op verschillende leefgebieden. Denk hierbij aan zingeving, wonen, financiën, werk/onderwijs, lichamelijke, psychische gezondheid en sociale relaties. Daarnaast begeleid je kwetsbare doelgroepen bij bijvoorbeeld vrijetijdsbesteding, activiteiten en educatie.
De sociaal werker werkt vaak vanuit een wijkaccommodatie, welzijnsorganisatie of een organisatie die verbonden is aan de overheid. De sociaal werker komt in contact met mensen van verschillende leeftijden, achtergronden en culturen. Geen situatie is hetzelfde, waardoor een sociaal werker goed moet kunnen luisteren en de begeleiding moet kunnen aanpassen aan de persoon die tegenover zit.
Een belangrijk onderdeel van de opleiding is de beroepspraktijkvorming (BPV). Tijdens stage past de student de opgedane kennis en vaardigheden toe binnen een erkend leerbedrijf en ontwikkelt de student zich verder tot beginnend beroepsbeoefenaar.